Brief aan mijn zoon

Lieve zoon,

Maandag is het exact 2,5 jaar geleden dat je op mijn buik werd gelegd, en we elkaar voor het eerst écht ontmoetten. De eerste keer dat we elkaar in de ogen keken, en je me meteen betoverde.

Ondertussen ben je ongelooflijk gegroeid. Niet alleen fysiek, al ben je 40 centimeter groter dan toen. Je leerde alleen zitten, kruipen, staan, stappen. En ondertussen stap je niet meer, maar loop je rond, vol goesting in het leven. Zou er een loper in je zitten, zoals je peter en je opa?

Je zei je eerste woordjes, mama, papa, en ondertussen spreek je in volzinnen als de beste. Je kwebbelt er op los, dat mondje van je staat geen seconde stil. Het duurt soms behoorlijk lang voor je boterham ’s morgens op is, omdat er zoveel interessante verhalen te vertellen zijn.

Je speelt, met auto’s, dieren, blokken, boekjes, … en verliest je daarbij soms in je eigen fantasiewereld. Dan ben jij Plop, en ben ik Kwebbel, en broer is Lui (tja, je hebt gelijk, je broer slaapt soms ook van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat in jouw ogen). En dat hou je dan de rest van de dag vol. Heerlijk, die fantasie!

Je veroverde verschillende harten. Al minstens die van mij en van papa. Maar ik heb een zwaar vermoeden dat je ook je grootouders, peters, tante en veel vrienden rond je vingertje kan draaien.

Je knutselt erop los. Je tekent, stempelt, en boetseert dat het een lieve lust is.

Je werd grote broer. Een zorgzame, lieve broer. Elke dag wordt je broer bedolven onder de kusjes, streeltjes en knuffels. Soms iets te enthousiast, maar dat is gewoon je karakter. Zou je dat enthousiaste van mij hebben?

Maandag is het tijd voor weer een nieuwe stap in je jonge leventje. Naar school.
Vandaag is het je laatste dag in de crèche. Het voelt raar, om wat de voorbije twee jaar je tweede thuis is geworden, voorgoed de rug toe te keren. Om te weten dat je nu voor het laatst met je vriendjes aan het spelen bent, en je vanaf maandag nieuwe vriendjes zal moeten maken.

Ik kan je niet beloven dat het gemakkelijk zal zijn, die eerste dagen. Maar ik beloof je wel dat het boeiend wordt, om de wereld beetje bij beetje te verkennen. Ja, het wordt misschien even moeilijk, om weg te gaan uit je vertrouwde omgeving. Niet meer elke dag naar “de kindjes”. Maar elk einde betekent ook een spannend nieuw begin.

Zoals ik je ken, vermoed ik dat je je aan mij zal vastklampen. Dat je verlegen zal zijn, de kat uit de boom zal kijken. Maar eens je loskomt, zal je dansen, springen, en honderduit vertellen, met energie voor tien.

Ik zal mijn best doen om maandag mijn tranen te verbijten, lieve jongen, zodat mijn tranen je niet onzekerder en nerveuzer maken. Maar weet dat ik diep vanbinnen even hard huil als jijzelf (al hoop ik natuurlijk dat er geen traantjes aan te pas zullen komen). Dat ik met een krop in de keel je handje zal loslaten, en je zal moeten toevertrouwen aan de grote, boze buitenwereld.

Je kan erop vertrouwen, liefje, dat ik er straks na school weer sta. En dat ik er altijd zal zijn voor je. Om te luisteren naar al je verhalen. Om je te troosten bij kleine en grote verdrietjes. Om enthousiast te supporteren bij alles wat je onderneemt.

Weet dat ik nu al ongelooflijk trots ben op wie je bent. En dat ik niet kan wachten om je te zien opgroeien, en te zien tot welke fantastische jongeman je zal uitgroeien.

Ga nu maar, lieve schat. Ontdek de wereld, verover de wereld. En behoud ondertussen alsjeblieft dat enthousiasme in je, dat vuur in je ogen.

Mama zal hier wachten op je. Altijd.

Advertenties

3 thoughts on “Brief aan mijn zoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s